Eerst jezelf, dan de liefde
Ze zeggen het zo vaak dat het bijna irritant wordt: "Je moet eerst zelfliefde vinden voor je opnieuw kan liefhebben."
Ik rolde altijd een beetje met mijn ogen. Zelfliefde klonk te veel als een Instagram-quote. Maar goed… clichés zijn clichés omdat ze meestal waar zijn. Ook deze.

Toen ik jaren geleden opnieuw single werd, dacht ik: Nieuwe liefde? Dat loopt wel los. Alsof ik gewoon een ander hoofdstuk kon openslaan en vrolijk verder kon lezen. Maar zo werkt het niet als trauma weigert uit te checken.
Het heeft me zes jaar gekost om eerlijk tegen mezelf te durven zeggen: "Ik ben nog niet klaar".
Niet voor een relatie. Niet voor iemand anders. En, het moeilijkste van al: soms zelfs niet voor mezelf.
Therapie hielp, absoluut. Er kwam een punt waarop ik blij was dat ik me terug herkende. Alsof ik eindelijk weer de vrouw was van vóór mijn manipulatieve huwelijk. Alleen… was ik dat niet.
En moest ik dat ook niet willen zijn.
Je bent tenslotte niet meer de versie van jezelf van dertig jaar geleden. Gelukkig maar. We hebben rimpels, wijsheid en betere smaak in wijn.
Maar toch merkte ik dat ik in bepaalde patronen bleef hangen. Dat ik soms terugviel in oude reflexen.
Healing is geen rechte lijn. Het is eerder een bergweg met haarspeldbochten, plotselinge afdalingen en af en toe een uitzicht dat je adem beneemt.
Mijn grootste uitdaging? Mijn verdedigingsmodus.
Dat reptielenbrein dat in één sprong op de tafel staat zodra ik me gekwetst voel.
Dan reageer ik te snel, te hard, te instinctief.
Om daarna boos te worden op mezelf. Omdat ik "weer in een oud patroon was gestapt".
Pas toen begreep ik het: zonder zelfliefde ben je je eigen tegenstander.
Je wordt boos op jezelf. Je saboteert jezelf. Je vergeet dat je aan het leren bent, aan het helen bent, aan het evolueren bent.
Perfect? Nee, ik struikel nog vrolijk over mijn eigen drama. Maar nu zie ik elke terugval als een signaal: adem, kijk, herkalibreer.
Zelfliefde is niet elke ochtend in de spiegel zeggen dat je geweldig bent.
Zelfliefde is jezelf niet afbreken wanneer je even struikelt.
Het is zacht blijven wanneer je reptielenbrein in ninja-modus schiet.
Het is zien dat je groeit, ook al voelt het soms als stilstand.
En ergens onderweg, heel langzaam en organisch, begin ik me open te stellen voor liefde. Niet uit noodzaak. Niet uit leegte. Maar omdat ik mezelf niet meer kwijt ben.
Helemaal geheeld zijn is geen vereiste voor liefde. Wel je eigen tempo volgen, want dan verandert alles: de liefde die je kiest, die je toelaat en die je jezelf geeft.
